
Op Prinsjesdag presenteerde het kabinet de plannen voor 2027. Wij hebben de Miljoenennota, de begrotingen en het Belastingplan bekeken en op een rij gezet wat de belangrijkste plannen betekenen voor horecaondernemers. De plannen zijn op 15 september aangeboden aan de Tweede Kamer en zijn dus nog niet definitief.
Onze eerste conclusie: we maken ons grote zorgen over de verdere stapeling van lasten en regeldruk voor horecaondernemers. Ondernemers hebben te maken met hoge kosten, maar de ruimte om die door te berekenen aan gasten wordt steeds kleiner.
Ook het ondernemersvertrouwen staat onder druk. Uit de Prinsjesdagenquête van MKB-Nederland en VNO-NCW blijkt dat het vertrouwen afneemt en ondernemers noodzakelijke investeringen uitstellen. Er zijn wel een paar positieve stappen, bijvoorbeeld rond loondoorbetaling bij ziekte. Maar er is meer nodig om het ondernemingsklimaat echt te verbeteren.
Werkgeverschap
Loondoorbetaling bij ziekte en re-integratie · Compensatieregeling transitievergoeding · WW en WIA · Aof- en Whk-premie · Werkkostenregeling · Veilig en gezond werken · ZZP · Regionaal Investeringsfonds
Ondernemerschap
Regeldruk en bijschrijfplicht · Fiscale voordelen voor ondernemers · Belasting op leidingwater
Duurzaamheid
Energiebesparing en financiering · Energiemaatregelen Midden-Oosten · Suikerbelasting · Kindermarketing · Alcoholaccijns
Hoe gaat het verder na Prinsjesdag?
Kamerbehandeling en onze lobby-inzet
In dit artikel lees je per onderwerp wat er verandert, wat wij daarvan vinden en waar we ons de komende periode voor inzetten.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet wil de regels rond loondoorbetaling bij ziekte beter werkbaar maken voor werkgevers, vooral voor het mkb.
Een van de plannen is dat kleine en middelgrote werkgevers zich in het tweede ziektejaar meer kunnen richten op re-integratie bij een andere werkgever.
Daarnaast ligt er een wetsvoorstel waarbij het advies van de bedrijfsarts leidend wordt. UWV gebruikt dit advies bij de beoordeling of een werkgever genoeg heeft gedaan aan de re-integratie van een zieke werknemer.
Ook kijkt het kabinet naar knelpunten in de Wet verbetering poortwachter. Het doel is om de administratieve lasten voor werkgevers te verlagen en de re-integratie beter te laten verlopen.
Wat vinden wij hiervan?
Wij zijn blij dat het kabinet eindelijk eerste stappen zet om grote frustratiepunten voor horecaondernemers aan te pakken. Bij langdurige ziekte krijgen werkgevers te maken met hoge financiële lasten door de loondoorbetaling. Daar komt een grote hoeveelheid regels en re-integratieverplichtingen bovenop.
Het is daarom goed dat het kabinet kijkt hoe deze financiële lasten en regeldruk beter werkbaar kunnen worden gemaakt.
Wat gaan we doen?
Dit onderwerp heeft voor ons de allerhoogste prioriteit. We volgen de ontwikkelingen nauwgezet en leveren waar mogelijk onze input.
We blijven ons inzetten voor werkbare regels, minder regeldruk en een eerlijke verdeling van verantwoordelijkheden tussen werkgever en werknemer.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet streeft ernaar om per 1 januari 2028 de compensatieregeling transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid (Compensatieregeling LAO) geheel af te schaffen.
Wat vindt KHN hiervan?
Wij vinden het niet reëel dat een werkgever na twee jaar loon doorbetalen en veel re-integratie-inspanningen alsnog een transitievergoeding moet betalen als terugkeer van een werknemer echt niet meer mogelijk is.
Eerdere kabinetten zagen dit probleem ook. Daarom is er een regeling gekomen waarmee werkgevers in deze situaties de betaalde transitievergoeding terugkrijgen. Het huidige kabinet wil deze compensatieregeling afschaffen, maar heeft dat besluit nu met een jaar uitgesteld.
Wat gaan we doen?
We zijn blij met het uitstel. Wij vinden dat er eerst afspraken moeten worden gemaakt over de transitievergoeding zelf, voordat de compensatieregeling kan worden afgeschaft.
Als de transitievergoeding in deze situaties blijft bestaan, moet ook de compensatie voor werkgevers structureel blijven bestaan. Hier blijven we op inzetten.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet wil met werkgevers en vakbonden in gesprek over een effectief en eerlijk werkloosheidsstelsel. Daarbij wil het kabinet ook kijken hoe mensen makkelijker van werk naar werk kunnen worden geholpen.
Om ruimte te geven aan dat gesprek, stelt het kabinet de voorgenomen verkorting van de maximale WW-duur met een jaar uit.
Daarnaast wil het kabinet samen met werkgevers en vakbonden werken aan een begrijpelijke en uitvoerbare regeling voor arbeidsongeschiktheid. Ook werkt het kabinet aan een toekomstvisie voor het stelsel van arbeidsongeschiktheid op de langere termijn.
Wat vindt KHN hiervan?
Door het uitstel van de verkorting van de WW-duur verandert er voorlopig niets voor horecamedewerkers die hun baan verliezen. Het bestaande WW-stelsel blijft gelden. Dat geeft rust en duidelijkheid voor werknemers en werkgevers.
Wij steunen het overleg over de WW en WIA en praten daar graag actief over mee. Daarbij vinden we het belangrijk dat ook wordt gekeken naar de hoogte van de premies. Die moeten op termijn beter aansluiten bij de daadwerkelijke kosten, zodat het stelsel duurzaam en evenwichtig kan worden gefinancierd.
Wat gaan we doen?
Een nieuw sociaal akkoord is van belang om een aantal hobbels voor horecaondernemers weg te nemen. Over het uitstel van de afschaffing van de compensatie voor de transitievergoeding en over de verkorting van de WW-duur moeten sociale partners en het kabinet structurele afspraken maken.
Ook vinden we dat de financiering van de WW en WIA onderdeel moet zijn van het gesprek. Samen met VNO-NCW en MKB-Nederland bereiden we onze input voor het overleg met het kabinet voor.
Wat zijn de nieuwe plannen?
In 2027 stijgt de premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds met 0,39 procentpunt. Kleine werkgevers gaan daardoor 6,67 procent premie betalen en grote werkgevers 8,03 procent.
Ook de gemiddelde premie voor de Werkhervattingskas (Whk) stijgt. Uit deze premie worden onder andere uitkeringen voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten (WGA) en uitkeringen vanuit de Ziektewet (ZW) betaald. UWV heeft de gemiddelde premie voor 2027 vastgesteld op 1,67 procent. Dat is 0,15 procentpunt hoger dan in 2026.
Wat vindt KHN hiervan?
Deze premieverhogingen betekenen opnieuw een stijging van de werkgeverslasten. Ondanks de aanzienlijke reserves in het arbeidsongeschiktheidsfonds blijft de premie stijgen.
Daarnaast dragen ondernemers al een belangrijke verantwoordelijkheid in het voorkomen van verzuim en het bevorderen van re-integratie. Een verdere Whk-premiestijging verhoogt de kosten voor werkgevers zonder dat dit automatisch leidt tot betere resultaten op het gebied van arbeidsongeschiktheid of re-integratie.
Wat gaan we doen?
We brengen de gevolgen van de stijgende premies voor horecaondernemers onder de aandacht bij de betrokken ministeries.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet verruimt de vrije ruimte in de werkkostenregeling (WKR) over de eerste € 400.000 van de fiscale loonsom van 2,0% naar 2,16%.
Tegelijkertijd vervalt per 1 januari 2027 de aparte vrijstelling voor korting op producten en diensten uit de eigen branche. Personeelskortingen op eigen producten of diensten moeten daardoor voortaan binnen de vrije ruimte van de WKR vallen. Anders worden ze gezien als belast loon.
Wat vinden wij hiervan?
De verruiming van de vrije ruimte geeft horecaondernemers meer mogelijkheden om medewerkers fiscaal aantrekkelijk te belonen.
Tegelijkertijd kan een deel van die extra ruimte weer worden gebruikt voor personeelskortingen, omdat daarvoor geen aparte vrijstelling meer geldt. De verruiming is dus positief, maar minder ruim dan het op het eerste gezicht lijkt.
Werkgevers moeten daarom goed kijken welke arbeidsvoorwaarden en personeelsvoorzieningen zij binnen de beschikbare vrije ruimte willen onderbrengen.
Wat gaan we doen?
Waar mogelijk zetten we in op een verdere verruiming van de werkkostenregeling. We brengen dit als eerste onder de aandacht bij de betrokken ministeries.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet blijft inzetten op het bevorderen van gezond en veilig werken en op het voorkomen van uitval door ziekte. Daarbij ligt de nadruk onder meer op duurzame inzetbaarheid, het terugdringen van werkgerelateerde uitval en de aanpak van psychische klachten.
Ook werkt het kabinet aan een bredere aanpak van mentale gezondheid. Na een lopende inventarisatie worden hiervoor verdere maatregelen uitgewerkt.
Wat vinden wij hiervan?
Wij vinden het positief dat het kabinet blijft investeren in preventie. Ook komt er een subsidieregeling voor sectorale initiatieven rond duurzame inzetbaarheid. Zulke regelingen kunnen werkgevers helpen om te investeren in de gezondheid, ontwikkeling en inzetbaarheid van medewerkers.
Tegelijkertijd vinden we het belangrijk dat het beleid uitvoerbaar blijft voor ondernemers. Nieuwe verplichtingen of extra administratie mogen niet zorgen voor nog meer druk op werkgevers.
Wat gaan we doen?
Wij blijven pleiten voor duidelijke, praktische en risicogerichte arboregels, met ruimte voor maatwerk binnen bedrijven.
Daarover gaan we in gesprek met de betrokken ministeries en brengen we onder de aandacht hoe het beleid beter uitvoerbaar kan worden gemaakt voor ondernemers.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet werkt aan een nieuwe Zelfstandigenwet die meer duidelijkheid moet geven over de inzet van zzp'ers. Daarbij wordt gekeken naar kenmerken van zelfstandig ondernemerschap, zoals ondernemersrisico en zelfstandigheid in de uitvoering van het werk. Daarnaast blijft het kabinet schijnzelfstandigheid bestrijden. Voor werkgevers in de horeca kan de nieuwe wetgeving gevolgen hebben voor de manier waarop met zelfstandigen wordt gewerkt.
Wat vinden wij hiervan?
Wij zijn positief over de ambitie van het kabinet om meer duidelijkheid te geven over de inzet van zzp’ers. Voor horecaondernemers is het belangrijk dat vooraf duidelijk is wanneer zij met een zzp’er kunnen werken.
De nieuwe regels moeten schijnzelfstandigheid tegengaan, maar tegelijkertijd ruimte laten voor echt ondernemerschap en de flexibiliteit die in de sector nodig is.
Wat gaan we doen?
We beoordelen het wetsvoorstel op uitvoerbaarheid, duidelijkheid voor ondernemers en administratieve lasten.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet heeft de eerder geplande bezuinigingen op het Regionaal Investeringsfonds (RIF) teruggedraaid. Daardoor blijft het fonds ook na 2027 beschikbaar voor nieuwe aanvragen. De regeling wordt verlengd tot en met 2028.
Via het RIF is geld beschikbaar voor samenwerking tussen het beroepsonderwijs, bedrijven en regionale overheden. Mbo-instellingen kunnen geld aanvragen voor projecten die zorgen voor een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. De samenwerkingspartners betalen zelf ook een deel van de kosten.
In verschillende regio’s lopen projecten waarbij wij en/of onze leden betrokken zijn. Deze projecten zijn onder andere gericht op het laten instromen van mensen in de sector via scholing.
Wat vinden we ervan?
Wij vinden het positief dat de bezuinigingen zijn teruggedraaid en het fonds beschikbaar blijft. Zo blijft er ruimte voor regionale projecten die onderwijs en arbeidsmarkt beter op elkaar laten aansluiten.
Wat gaan we doen?
Vervolgacties zijn voorlopig niet nodig.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet wil doorgaan met het verminderen van regeldruk voor ondernemers. De ambitie is om ieder jaar 500 regels te schrappen of eenvoudiger te maken.
Er is een regeldrukreductieprogramma bij het ministerie van EZK dat gericht is op het aanpakken van knellende wet- en regelgeving voor bedrijven. Rond de zomer is een eerste lijst van 403 regels bekendgemaakt die zijn geschrapt of vereenvoudigd. Nieuw is dat het kabinet heeft aangekondigd jaarlijks met een Vereenvoudigingswet te komen. In die wet staan dan concrete voorstellen om regels voor burgers en bedrijven eenvoudiger te maken.
Wat vinden wij hiervan?
Tegelijkertijd hebben horecaondernemers nog steeds te maken met veel administratieve verplichtingen die volgens ons niet aantoonbaar bijdragen aan het doel van de wet. De bijschrijfplicht voor dagleidinggevenden is daar een duidelijk voorbeeld van.
Van een concrete verlichting van regeldruk bij horecaondernemers is nog geen sprake.
Wat doen wij hieraan?
Met ons Regeldruk Actieplan Horeca hebben we eerder al aandacht gevraagd voor regels waar horecaondernemers in de praktijk tegenaan lopen.
We breiden dit actieplan nu samen met andere branches binnen Gastvrij Nederland uit. Dat moet leiden tot een concrete lijst met knelpunten in de hele gastvrijheidssector, inclusief voorstellen om regels aan te passen of te schrappen.
In november bieden we deze lijst aan de minister van EZK. Bovenaan onze lijst staat het schrappen van de bijschrijfplicht voor dagleidinggevenden.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet schaft vanaf 2027 de reguliere startersaftrek af. Deze aftrekpost komt boven op de zelfstandigenaftrek en biedt startende ondernemers nu nog extra belastingvoordeel. De zelfstandigenaftrek was al eerder stapsgewijs afgebouwd en daalt in 2027 naar € 900. Daarnaast verdwijnen op termijn ook de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid en de mogelijkheid voor starters om investeringen willekeurig af te schrijven.
Wat vinden wij hiervan?
Voor startende horecaondernemers betekent dit dat zij minder fiscale ruimte hebben in een periode waarin juist veel moet worden geïnvesteerd en inkomsten vaak nog onzeker zijn. Deze maatregelen passen volgens ons slecht bij de ambitie van het kabinet om ondernemerschap, investeringen en economische groei te stimuleren.
Wat doen wij hieraan?
Op dit onderwerp trekken we in onze lobby samen op met MKB-Nederland en andere mkb-branches. De verdere versobering van ondernemersregelingen moet stoppen.
Wij pleiten voor een fiscaal klimaat waarin starten, investeren en doorgroeien worden gestimuleerd en waarin ondernemers voldoende ruimte houden om financiële buffers op te bouwen.
Wat zijn de nieuwe plannen?
De belasting op leidingwater (BoL) is de afgelopen jaren flink aangepast. In 2026 is het heffingsplafond verhoogd. Vanaf 2027 verdwijnt dit plafond helemaal. Bedrijven betalen dan belasting over al het drinkwater dat zij gebruiken. Voor water dat geen drinkwater is, geldt de belasting vanaf 2027 niet meer.
Daar komt in 2027 een extra verhoging bovenop. Het kabinet wil de belasting met 10 cent per m³ verhogen. In 2026 bedraagt de belasting 43,7 cent per m³. Dat betekent een verhoging van bijna 23%.
Wat vinden wij hiervan?
De plannen voor de BoL betekenen een aanzienlijke extra kostenpost voor bedrijven die veel leidingwater verbruiken, waaronder de grotere hotels en restaurants maar ook diverse leveranciers in de horeca die met deze belasting te maken hebben en dit zullen doorbelasten.
Daarbij komt dat de opgehaalde middelen niet ten goede komen aan het verduurzamen of verminderen van het watergebruik. Onderzoek toont aan dat beprijzing een zeer beperkt effect heeft op het watergebruik.
Voor horecaondernemers is dit opnieuw een extra belasting die drukt op de winstmarge, terwijl zij voor hun bedrijfsvoering nu eenmaal veel drinkwater nodig hebben. Een stadshotel met 40 kamers betaalde in 2025 een belasting op leidingwater van € 129, in 2026 een belasting van ca € 2.600 en in 2027 ca € 3.200 bij een verbruik van 6.000 m3. Wij vinden dit daarom een slecht plan.
Wat doen we hieraan?
Deze maatregel raakt niet alleen de horeca, maar alle bedrijven die veel drinkwater gebruiken. Samen met VNO-NCW en MKB-Nederland willen we een coalitie vormen en gericht lobbyen om deze extra verhoging van tafel te krijgen.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Het kabinet wil Nederland op de langere termijn beter bestand maken tegen hoge energieprijzen. Door de energievoorziening verder te verduurzamen, wil het kabinet de afhankelijkheid van internationale ontwikkelingen verkleinen.
Daarom investeert het kabinet extra in subsidies voor energiebesparende maatregelen in het mkb, het Warmtefonds en energiecoaches. Sinds 1 juli 2026 kunnen bedrijven ook makkelijker geld lenen om te verduurzamen. Dat kan via de verruimde Borgstelling MKB-kredieten voor energie (BMKB-Energie). Ook is de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) per 1 juli voor vijf jaar verlengd. Voor kleinere bedrijven zijn er daarnaast leningen via Qredits. Ook de reguliere BMKB-regeling blijft beschikbaar.
Wat vinden we hiervan?
Om verduurzaming te versnellen is het inderdaad van belang dat het kabinet de randvoorwaarden voor investeringen verbetert, zodat die investeringen betaalbaar en uitvoerbaar worden. Denk aan energiekosten verlagen, netcongestie aanpakken, vraag naar duurzame producten creëren.
Wat doen we hieraan?
In onze lobby blijven we aandacht vragen voor lagere energiekosten, voldoende subsidies voor verduurzaming en een consistent overheidsbeleid.
Daarnaast informeren we onze leden over de verschillende ontzorgingsprogramma’s voor het mkb die via provincies beschikbaar zijn. Via Qredits helpen we leden ook aan laagdrempelige leningen voor verduurzaming.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Vanwege de hoge energieprijzen als gevolg van de situatie in het Midden-Oosten heeft het kabinet dit voorjaar bijna 1 miljard euro aan maatregelen aangekondigd voor bedrijven en huishoudens. Voor ondernemers wordt de Energie-investeringsaftrek (EIA) vanaf 2027 verhoogd van 40 naar 45,5 procent. Ook zijn tijdelijke maatregelen genomen om de hogere mobiliteits- en brandstofkosten te beperken. Zo wordt de vrachtwagenheffing van 1 september tot en met 31 december 2026 tijdelijk met 22,3% verlaagd. Naar verwachting betalen vrachtwageneigenaren hierdoor samen € 80 miljoen minder.
Deze maatregelen waren al eerder aangekondigd en worden nu verder uitgevoerd.
Wat vinden we hiervan?
Wij maken ons grote zorgen over de hoge en stijgende energiekosten in de horeca. Deze kosten drukken op de marges van ondernemers en daarmee ook op hun mogelijkheden om te investeren.
Wat doen we hieraan?
Samen met VNO-NCW en MKB-Nederland blijven we in onze lobby duidelijk maken dat de horeca veel gas en elektriciteit nodig heeft, juist ook tijdens piekuren. Tegelijkertijd hebben horecaondernemers te maken met hogere inkoop- en energiekosten.
We blijven er bij de overheid op aandringen om deze kosten te beperken en de sector te ondersteunen bij verdere energiebesparing.
Wat zijn de nieuwe plannen?
In het coalitieakkoord is afgesproken dat het kabinet een suikerbelasting wil invoeren op alcoholvrije dranken en eetwaren.
Voor alcoholvrije dranken wil het kabinet de huidige verbruiksbelasting vervangen door een belasting die afhangt van de hoeveelheid suiker in een product. Hoe meer suiker een drankje bevat, hoe hoger de belasting.
Voor eetwaren heeft het kabinet een voorstel gedaan dat zich richt op producten met meer dan 6% suiker en een voedingsetiket. Het ministerie van VWS onderzoekt daarnaast nog andere varianten. Eind dit jaar wordt een verdere uitwerking verwacht.
Wat vinden wij hiervan?
Wij vinden het belangrijk om overgewicht terug te dringen en een gezondere leefomgeving te stimuleren. De horeca wil bijdragen aan gezondere keuzes voor gasten. Tegelijkertijd vinden wij dat een suikerbelasting alleen kan worden gerechtvaardigd wanneer deze bewezen effectief bijdraagt aan het verminderen van overgewicht en daarmee aan de volksgezondheid.
Daarnaast moet de maatregel uitvoerbaar zijn voor ondernemers en moeten de verwachte gezondheidsvoordelen opwegen tegen de administratieve lasten, uitvoeringskosten en economische gevolgen voor ondernemers en consumenten.
Als er een suikerbelasting op eetwaren komt, moet die uitsluitend gaan gelden voor producten met een verplicht voedingsetiket. De uitvoerbaarheid en de administratieve lasten zijn voor de horeca niet haalbaar. De horeca maakt geen gestandaardiseerde producten in grote hoeveelheden maar werkt met wisselende recepturen en variërende portiegroottes.
Wat doen wij hieraan?
Voor beide maatregelen werkt het kabinet toe naar een wetgevingspakket dat naar verwachting in 2027 naar de Tweede Kamer zal worden gestuurd. Wij volgen de ontwikkelingen nauwgezet en brengen de gevolgen voor horecaondernemers onder de aandacht van het ministerie van VWS en de Tweede Kamer. Begin september hebben wij input geleverd op de internetconsultatie over de suikerbelasting. Lees daar meer over. We bereiden een lobbystrategie voor in aanloop naar de indiening van het wetsvoorstel suikertaks bij de Tweede Kamer.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Om kinderen beter te beschermen tegen ongezonde voedingsmiddelen, werkt het ministerie van VWS aan wettelijke maatregelen tegen kindermarketing. Een wetsvoorstel wordt in 2027 verwacht.
Wat vinden wij hiervan?
Wij vinden het belangrijk dat kinderen gezond opgroeien, maar wetgeving tegen kindermarketing zorgt voor extra regeldruk en onevenredige lasten, terwijl de impact in de horeca beperkt is. De horeca is geen grote speler in kindermarketing en wordt onnodig geraakt door zulke regels. Wij pleiten daarom voor praktische, sectorbrede zelfregulering, ondersteund door voorlichting en samenwerking, in plaats van wettelijke maatregelen.
Wat doen wij hieraan?
Bij een eerder voorstel voor wetgeving tegen kindermarketing heeft een MKB-toets plaatsgevonden, waaraan ondernemers uit onze achterban hebben deelgenomen. Op basis van hun ervaringen en signalen zijn onderdelen van het voorstel aangepast. In deze kabinetsperiode is nog geen nieuw wetsvoorstel gepubliceerd, maar dit wordt wel binnenkort verwacht.
Wij volgen de ontwikkelingen nauwgezet en blijven in gesprek met het ministerie van VWS over de gevolgen voor horecaondernemers. Ook bereiden we onze lobby voor richting de indiening en behandeling van het wetsvoorstel.
Wat zijn de nieuwe plannen?
Vanaf 2027 wil het kabinet de alcoholaccijns ieder jaar aanpassen aan de inflatie. Ook de hogere belasting op leidingwater raakt brouwerijen. Vanaf 2028 wil het kabinet daarnaast het lagere accijnstarief voor kleine brouwerijen afschaffen.
Deze stapeling van maatregelen verhoogt de kosten voor de productie van bier en kan daardoor leiden tot hogere inkoopprijzen voor horecaondernemers.
Wat vinden wij hiervan?
De lasten voor horecaondernemers lopen verder op, terwijl veel horecabedrijven al te maken hebben met hoge kosten en dunne marges. De jaarlijkse indexatie van de alcoholaccijns vergroot de prijsverschillen met België en Duitsland verder. Dat leidt tot meer grenseffecten, omzetverlies voor Nederlandse ondernemers en een verdere verslechtering van de concurrentiepositie van de horeca. Wij vinden deze stapeling van lastenverzwaringen onwenselijk.
Wat doen wij hieraan?
Wij blijven ons verzetten tegen verdere lastenverzwaringen voor horecabedrijven. Samen met Nederlandse Brouwers en CRAFT voeren we campagne tegen de hogere belasting op bier.
In gesprekken met kabinet en Tweede Kamer vragen wij aandacht voor de gevolgen voor de bierprijs, de marges van horecaondernemers en de concurrentiepositie ten opzichte van onze buurlanden. Ook roepen we ondernemers en consumenten op om de petitie 'Zeg nee tegen extra bierbelasting' te ondertekenen.
De plannen die op Prinsjesdag zijn gepresenteerd, zijn nog niet definitief. De Miljoenennota, de begrotingen van de ministeries en het Belastingplan voor 2027 zijn aangeboden aan de Tweede Kamer. Maar die plannen moeten nog wel door de Tweede en de Eerste Kamer worden geloodst. Het kabinet is een minderheidskabinet en heeft dus geen meerderheid in de Tweede en Eerste Kamer. Voor veel plannen is daarom steun van andere partijen nodig.
Op 16 en 17 september vinden de Algemene Politieke Beschouwingen plaats. De fracties in de Tweede Kamer reageren dan op de plannen van het kabinet. Op de tweede dag reageert de minister-president namens het kabinet. Tijdens deze debatten kunnen al voorstellen worden gedaan om plannen aan te passen.
Daarna volgen onder andere de behandeling van de begrotingen per ministerie en het Belastingplan. Ook op die momenten kunnen plannen nog worden aangepast.
Wij blijven ons de komende periode inzetten voor een beter ondernemingsklimaat voor horecaondernemers. Daarbij pleiten we voor aanpassing van verschillende maatregelen uit de Prinsjesdagplannen. Dat doen we via ons netwerk in Den Haag en samen met onder andere VNO-NCW, MKB-Nederland en andere relevante partijen.
Natuurlijk houden we je op de hoogte van onze lobby en de verdere ontwikkelingen.
Koninklijke Horeca Nederland,
Vijzelmolenlaan 10-12, 3447 GX, Woerden
Bel ons0348 48 94 89
Mail onsinfo@khn.nl
Meest recent





